MIJN WEBLOG
Hier maakt u kennis met de mens achter de counselor. De ene
keer zal het gaan over mijn vrijwilligerswerk, soms een
overdenking, mijn columns, een mooi gedicht en soms iets over de
workshops die ik volg of geef. Mijn doel: door mijn kennis en
vaardigheden met u te delen hoop ik dat dit weblog u een handvat
kan geven tijdens uw innerlijke groei.
Veel leesplezier!
Interventie met een kopje
Vandaag staat de bijscholing Familieopstellingen o.a. in het teken van werken met Encaustic art. De kaart laat een thema zien en bij mij was dat:
Wat houdt me tegen om mezelf in de wereld te zetten?
Ik had de verschillende elementen die voor mij in de kaart zichtbaar waren uitgezocht. Een houten pop als symbool voor mezelf, een regenboogkristal voor helderheid en een knuffelbeertje als symbool voor zelfvertrouwen. Een medecursist N. begeleidde mij.
Als eerste stelden we mezelf en mijn vertrouwen op. Het knuffelbeertje bleef uit zich zelf niet heel goed rechtop zitten. Ik kreeg dus meteen te zien dat mijn zelfvertrouwen wankel is. Zodra deze twee opgesteld waren, voelde dat helemaal niet fijn. Mijn keel kneep dicht en ik voelde dat er angst zat. Dus besloten we iets op te stellen voor de angst. Op de tafel waaraan we werkten stonden twee kopjes. Ik koos het zwarte kopje voor de angst en stelde dat op tussen mezelf en het vertrouwen. Dat gaf rust.
Om te kijken of ik achter de angst vandaan kon komen om verbinding te maken met het vertrouwen begon N. te schuiven met de houten pop en de angst. Maar wat ze ook deed, de angst voelde eigenlijk wel veilig. Ik kon me er achter verstoppen en het voelde helemaal niet prettig om het vertrouwen rechtstreeks aan te kijken. Zo waren we al een tijdje aan het schuiven en kwam er niet echt veel beweging in de opstelling.
Toen kwam er een ingreep van 'hogerhand'. Cisca (de docent) liep voorbij omdat ze trek had in koffie. Haar kopje stond nog bij ons op tafel. En zonder dat ze het in de gaten had, pakte ze vrij resoluut het zwarte kopje weg, dat stond voor mijn angst.
Ik was stomverbaasd en N. barstte in lachen uit. Cisca vroeg verbaasd wat er aan de hand was. Nee hoor, neem maar mee zei N., dit moet zo zijn. Mijn eerste reactie was, wat doet ze nou? Ik stond helemaal perplex en toen was het gewoon helder.
Het was tijd dat de angst gewoon losgelaten werd. Dat gaf veel ruimte. Toen de angst weg was, kwam er ook ruimte voor het symbool van de helderheid. Zodra deze was opgesteld, kon het vertrouwen dichterbij komen. De boodschap voor mij was:
Angst is niet fijn, maar kan ook zo veel veiligheid geven dat het een metgezel wordt en zo je kwaliteiten blokkeert. Het is een mooi voorbeeld hoe het fenomeen opstellingen werkt.
Marianne de Wolff (een cursist)
Een blije ondernemer
"Hoe zit het eigenlijk met mijn eigen zelfzorg?", vraag ik me, na een intakegesprek met een cliënt, af. Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat ook mijn zelfzorg de laatste periode aardig in het slop is geraakt. Mijn conditie is achteruit gehold en mijn spieren protesteren behoorlijk. Meteen de stoute (sport)schoenen aangetrokken en een afspraak gemaakt voor een intake bij een sportschool in de buurt. Vol goede moed ga ik de eerstvolgende keer van start. "Breng je het naar Amsterdam?", hoor ik Pim (mijn fysiotherapeut) vragen. Met een bezweet voorhoofd, vraag ik wat hij bedoelt. Zoals je nu loopt, lijkt het of je het hele apparaat aan het voortduwen bent.
Zo voelde het voor mij ook, en lachend ga ik rechtop lopen, pfff dit gaat een stuk beter. En toeval bestaat niet. Vorige maand mocht ik bij een therapeutische sportles zijn van een collega. Vol bewondering keek ik naar de verrichtingen van een cliënt op de klimwand. Ongemerkt komt de cliënt ook daar haar thema's tegen. Denk maar eens aan het behouden van je grenzen, hoogtevrees overwinnen, communiceren met elkaar, je grenzen verleggen, veiligheid, (zelf)vertrouwen, controle loslaten en doelen bereiken.
Als ik mijn sportschoenen heb uitgetrokken, blijk ik mijn ondernemersschoenen aangedaan te hebben. Met de eigenaar van de sportschool raak ik in gesprek over een mogelijke samenwerking. Even later loop ik met een voldaan gevoel, over mijn weer opgepakte zelfzorg en een afspraak over de samenwerking terug naar mijn auto.
Inmiddels is de samenwerking een feit en begint mijn conditie weer op peil te komen.
Geïnspireerd door de cursusdag
Geïnspireerd door de cursusdag CPSS (Chronisch Pijn Syndroom en Stress), denk ik na over een thema voor de volgende praktijkdag van de familieopstellingen op vrijdag 11 februari. En bijna vanzelf kom ik via echtscheiding op het thema samengestelde gezinnen. Bij een aantal echtscheidingen is het zo dat de conflicten niet stoppen bij de scheiding, maar nog vele jaren doorgaan. Niet meer rechtstreeks, maar via de kinderen.
Loyaliteitsproblemen: Omdat kinderen loyaal zijn, blijven ze geven. Ze kunnen zich niet voor de nood van hun ouders afsluiten. Ze offeren zichzelf op om hun ouders gevoelens van pijn te besparen; ze voelen zich verantwoordelijk voor hun problemen. Ze vervullen de behoeften van ouders, maar verbergen hun eigen angsten, verdriet en nood "want mijn moeder/vader heeft het al zo moeilijk." Als deze ouders vervolgens de kinderzorg niet zien, erkennen en afgrenzen, dan ontwikkelen kinderen het gevoel: "Wat ik ook geef, het is niet goed genoeg. Mijn moeder blijft verdrietig". Of: "Het probleem van mijn vader blijft bestaan". Deze kinderen raken zichzelf kwijt, ontwikkelen weinig zelfvertrouwen en er ontstaat een groot schuldgevoel. Ze kunnen vaak met hun verdriet nergens heen en voelen een diepe eenzaamheid. Het niet gezien of gewaardeerd worden in de kindertijd werkt door als je al volwassen bent.
Je ouders op je schouders: Ieder kind zorgt, want zorgen maakt je als mens waardevol, zorgen is dus een positieve menselijke eigenschap. Het is normaal dat een ouder veel geeft en een kind heel weinig. En dat beetje wat een kind teruggeeft, is bedoeld om het te laten groeien in zijn eigenwaarde, om het zelfvertrouwen en een gevoel van verantwoordelijkheid te geven. Dus het kind helpt met tafel afruimen, slaat de armpjes om je heen als je tranen in je ogen hebt, of geeft een te gekke stropdas voor Vaderdag.
Zo, ik kan verder met het ontwikkelen van de praktijkdag. Het thema is gekozen. En als aanvulling krijgt u van mij het gedicht van de Profeet, dat hier mooi op aansluit.
Uw kinderen zijn uw kinderen niet.
Het zijn de zonen en dochters van
het verlangen van het leven naar zichzelf.
Zij zijn uit u ontstaan, maar behoren u niet toe.
En al zijn ze bij u, toch zijn ze niet van u.
U mag ze uw liefde geven, maar niet uw gedachten
want zij hebben hun eigen gedachten.
U mag hun lichaam huisvesten, maar niet hun ziel.
Want hun ziel woont in het huis van morgen,
dat u niet kunt bezoeken, zelfs niet in uw dromen.
U kunt slechts trachten te zijn zoals zij,
maar probeer niet hen op u te doen gelijken
Want het leven gaat niet achteruit,
noch blijft het staan bij gisteren.
En wanneer u alles wat in uw vermogen ligt hebt gedaan
om uw kinderen te beïnvloeden vanuit uw ervaring,
uw wijsheid en uw liefde voor hen,
vind dan bemoediging in het Gebed van de Kalmte
"Schenk mij de kalmte om te accepteren
wat ik niet kan veranderen,
en de moed om te veranderen wat ik kan veranderen,
en de wijsheid om het verschil te onderkennen".
Kahlil Gibran
De Profeet
Opruimen, loslaten en verder gaan
En dan is het zover, ik hak de knoop door en reageer op een woning in Westwoud. En degenen die me kennen raden het vast al: het gaat in een stroomversnelling. Ik sta op de eerste plaats en blijf daar staan ongeacht het aantal inschrijvingen op de woning. Toeval? Nee hoor, ik weet het zeker, het moest zo zijn.
Een huis opruimen, loslaten en verder gaan. Een proces waar ik in mijn leven al vaker mee te maken heb gehad. Het klinkt zo eenvoudig. Een huis is een ding, maar ook een veilige haven, een warme deken. Dat loslaten is minder eenvoudig dan we denken. Het is niet alleen het huis opruimen en loslaten, maar ook alle herinneringen die hier aan vast zitten. De zondagen dat ik op het bankje in de voortuin zat te wachten totdat het busje kwam waarin mijn vader en moeder zaten. De opening van de praktijk die met mij meegroeide en ook verschillende keren veranderde. De buurman die zomaar mijn tuin voor me bijhield. Dierbare momenten die in het huis plaatsvonden. Maar ook de moeilijke tijden. De twijfels, de stress, het afwachten. En toch steeds weer thuis komen. Een huis is als een warme jas die je aantrekt.
De exacte datum is nog niet bekend, dat hangt nog af van de inspectie van de woningbouw. Wél is zeker dat ik 1 november mijn verhuizing achter de rug heb en ook van deze woning weer een thuis heb gemaakt. Nog een maandje ga ik door met opruimen, loslaten en verder gaan. O ja, voordat ik het vergeet, mijn nieuwe adres is:
ImproGrow
Cisca Holkamp
Witte Dam 37
1617 VX Westwoud
T.: 0228 - 561 366
M.: 06 - 511 81 943
Het kwartje valt!
"Nee hoor, hier doe ik niet aan mee". En opnieuw zet ik mijn hakken in het zand als ik lees dat er therapie via internet aangeboden wordt. Het lijkt mij niets. Je kunt je cliënt niet zien, geen lichaamstaal, geen verdiepende vragen stellen, het is volgens mij geen persoonlijk contact. Allemaal weerstand! Lang heb ik dit vol kunnen houden maar dan ineens, als ik een website tegen kom op het internet die me toch aanspreekt, valt eindelijk het kwartje. Het is niet belangrijk wat ik ervan vind, het is veel belangrijker waar een cliënt behoefte aan heeft. Misschien is het wel fijn om anoniem, of vanaf een grote afstand je verhaal eens te vertellen. Het schrijven op zich is natuurlijk al therapie.
Nu kan ik zonder (voor)oordeel de website eens doorlezen. Wat wordt er geboden en voor welke cliënten zou het geschikt zijn. Online hulpverlening, hmm. Tijdens het lezen besef ik steeds meer dat ook deze vooruitgang niet persé slecht hoeft te zijn. Al heb ik nog wel wat vragen. Hoe zit het met de privacy, welke kosten zijn er aan verbonden, kan ik de cliënt als dit nodig is ook in mijn praktijk uitnodigen of doorverwijzen? Even nog voel ik de weerstand, dan vul ik het informatieformulier op de website in. Vragen kan geen kwaad, toch?
Dezelfde dag krijg ik een mail met antwoorden op mijn eerste vragen en de belofte dat ik snel gebeld zal worden. Na een telefonische uitleg en het beantwoorden van al mijn vragen spreken we af dat ik de informatie toegestuurd krijg via de mail, zodat ik op mijn gemak alles nog eens door kan lezen. Door de snelle reactie en de correcte uitleg groeit mijn vertrouwen en belangstelling. En ja hoor … dan is het zover. ImproGrow geeft vanaf nu ook online hulpverlening. Mijn profielpagina is te vinden op www.hulpverlening.nu
Een nieuwe uitdaging
"Ik doe dit werk inmiddels meer dan twintig jaar met veel plezier", zegt mijn gesprekspartner op de Nieuwjaarsborrel van Vluchtelingenwerk. En meteen komen er allerlei ervaringsverhalen los. Een inspirerend maar ook realistisch gesprek. Je kunt natuurlijk alleen succesverhalen vertellen, maar net als bij ons gaat ook hier niet altijd alles van een leien dakje. Dan moet je als immigrant, maar ook als begeleider creatief met de zaken omgaan om zo het ontstane probleem op de juiste manier op te lossen. Vol bewondering luister ik naar deze verhalen. Zelf heb ik begin februari mijn eerste afspraak met een cliënt. Door de kennismaking met de vele vrijwilligers tijdens een eerdere vergadering en nu tijdens deze ontmoeting kijk ik uit naar mijn werk als maatschappelijk begeleidster. Nu ik weet dat er op de achtergrond zoveel 'ervaringsdeskundigen' zijn, ga ik vol vertrouwen dit nieuwe pad op.
Vluchten doe je niet zomaar. Niemand laat zonder reden familie, vrienden en bezittingen achter. Als de situatie in je land levensgevaarlijk is, kun je niet anders. En vervolgens moet je in een nieuw land je weg zien te vinden. Voordat je Nederland binnenkomt heb je als vluchteling al veel traumatische ervaringen achter de rug. En als het je dan ook nog lukt om een weg te vinden in al die formulieren, regels en wetten, en de toch meer individualistische Nederlandse cultuur, neem ik mijn petje voor je af. Dan wil ik graag dat steuntje in de rug zijn.
Winter 2010
"Van mij mag het warm water regenen" zeg ik boos tegen een vriendin die me vertelt hoeveel plezier ze heeft in deze echte winter. Zelf zit ik al dagen binnen door dit 'mooie weer'. Omdat ik in het rijke bezit ben van een 'wonderbeen', is het voor mij geen optie om maar gewoon te gaan lopen in plaats van de auto te pakken met deze gladheid.
Normaal ben ik een optimist en is er geen enkel weertype dat mij uit balans kan brengen. Behalve deze gladheid dan. De eerste dagen heb ik nog kunnen zien als bezinningsdagen, maar zo langzamerhand lukt dit niet meer.
En dan moet ik ook nog naar de garage om winterbanden onder mijn auto te laten zetten. In mijzelf mopperend krab ik de dikke laag sneeuw en ijs van mijn auto.
En dan, onderweg naar de garage, word ik ineens verrast door de schoonheid van de natuur in de winterse mist. De provinciale weg is, na het glibberpaadje bij het station, prachtig schoongeveegd. Ontspannen rij ik verder en dan zie ik die prachtige bomen aan weerszijden van de weg, wit van de rijp. De mist over de weilanden en het besneeuwde dak van een boerderij. Wat jammer dat ik hier geen foto van kan maken, denk ik nog.
In de garage, een plek waar ik me onzeker voel, is niemand. Niet in de showroom, niet in de werkplaats. Daar sta ik dan, niet wetend wat te doen. Maar even proberen de deur van de showroom, ik was bij de garage binnengegaan, open en dicht doen.
Ook dit helpt niet, dan zie ik de trap die naar boven gaat, ik roep hard "goedemorgen" en waarachtig er komt enige beweging. "Het is koffietijd" zegt Peter de chef van de werkplaats.
Even later komt een monteur mijn auto ophalen. Ik zie hoe de deur dichtgaat en weer open, en weer dicht, en weer open. De jongen drukt nogmaals op de knop van de automatische schuifdeur. En ja hoor, hij kijkt opgelucht de deur gaat dicht ... en weer open. Even blijf ik kijken en dan loop ik snel naar buiten. Vorige week gebeurde mij dit ook en ik kwam er pas na een tijdje achter dat de handgreep van de deur dan nog achterover staat. "Dank u wel mevrouw", zegt de jongen opgelucht. Hij is nog zo jong, dat het best zou kunnen zijn dat hij stage loopt. En het staat natuurlijk niet stoer als je hulp moet vragen aan 'de jongens' omdat die deur maar open en dicht blijft gaan. Dat zou hij vast nog lang moeten horen!
Ik ga naar binnen en krijg koffie in het kantoortje. Na twintig minuten komt Peter terug met de sleutels en zegt, "we hebben nog even de rubbers ingesmeerd met vaseline en het slot ingespoten, dan heeft u minder last van vast vriezen". Wat een service.
Onderweg maken mijn banden een donker geluid, dat is het eerste verschil dat ik merk. Expres ga ik het glibberpaadje bij het station weer op, om te kijken of ik verschil merk nu die winterbanden er onder zitten. Voor mijn gevoel lig ik wat steviger op de weg.
Eenmaal thuis ga ik lekker aan het werk. En als ik dan naar buiten kijk zie ik die prachtige grote boom, in de achtertuin van de buren. Snel pak ik mijn fototoestel om dit vast te leggen. Eerst wil het niet lukken, de schoonheid die mijn ogen zien, krijg ik niet op de foto. Dan realiseer ik me dat ik zit als ik uit het raam kijk, misschien een andere hoek. Dus neem ik vanuit deze positie opnieuw een foto. Het is nog niet helemaal hetzelfde, maar het komt dichtbij de werkelijkheid.
En dan zie ik twee merels, een mannetje en een vrouwtje. Het mannetje zingt af en toe het vrouwtje toe. Ze hippen van het sneeuwdek op mijn erf, in de struik en plukken met hun snavels aan de besjes. Even later vliegen ze, als er een kat op het erf loopt, gauw in die mooie grote, door de rijp gesierde boom. Ze vallen extra op nu de boom zo wit is.
Nu het zonnetje doorkomt, is ook het uitzicht door het voorraam erg mooi. Gauw nog even een foto gemaakt. En zo geeft de natuur mij mijn optimisme weer terug.
Hulp vragen
"Dat kan ik zelluf wel" zeg ik als vierjarige tegen mijn moeder als ze mij wil helpen.
In ons gezin stond zelfredzaamheid hoog in het vaandel. Als ik een lekke band kreeg, plakte mijn vader het één keer en daarna werd er verwacht dat je het zelf kon. Als kind mocht ik ook toekijken hoe mijn vader aan het klussen was. " Wat is dat, waarom doet u dat zo?, moet dat zo netjes op volgorde liggen?" en ga zo maar door, er kwam geen eind aan. Zijn geduld was groot tijdens het beantwoorden van al mijn vragen. Soms vroeg hij mij wat uit de weg te gaan, zodat ik op veilige afstand stond. Hulp vragen deed ik alleen in uiterste noodgevallen. Jaren later genoot ik volop van mijn zelfredzaamheid. Een lamp ophangen, stekkers aanzetten, rails ophangen, zelfs het maken van een poort, ik draaide mijn hand er niet voor om. Soms liep ik tegen iets aan dat ik eigenlijk niet zo goed kon, maar ja, vragen??
Dan ontmoet ik Ilse, collega en vriendin. Vol verbazing zie en hoor ik hoe ze zonder aarzelen de telefoon pakt als ze iets niet weet, of ergens tegenaan loopt in haar werk als Mental Coach. Wat een waardevolle lessen krijg ik van haar. Het voelt nog wat onwennig, maar het gaat een stuk sneller als ik hulp vraag en gebruik durf te maken van de kennis van de mensen om me heen.
Een nieuw jaar
2009 is bijna afgelopen. Een nieuw jaar. Nieuwe paden bewandelen, uitdagingen aangaan, je koers vasthouden of vernieuwen, allemaal zaken waar ik mee bezig ben. Op de afgelopen Regio-netwerkdag kwam de vraag van een aantal startende Counselors hoe je aan cliënten komt. Mijn antwoord is "Veel geven en creatief denken. De mogelijkheden willen zien en vooral niet opgeven, maar gaan voor je doel(groep)". 2010. Voor mij een magisch getal. Ooit zei iemand tegen mij "Wij krijgen dit jaar (als Weegschaal) een tien". De eerste tekenen zijn al zichtbaar. Sinds drie weken ben ik aangesloten bij AlleKleur als EMDR-Therapeut. Samenwerken met specialisten die, net als ik, vinden dat iedereen recht heeft op zorg die aansluit bij de specifieke wensen van de cliënt.
Ik kijk er naar uit!
De kracht van de generaties
"Ik wil de mannenlijn wel opstellen" zegt een van de cursisten van de opleiding familieopstellingen. Met de verwachting dat er niet zo veel zal gebeuren omdat hij al heel veel heeft uitgewerkt, kiest hij de representanten voor zijn vader, opa en grootvader. Als de representanten op hun plek gezet zijn, gebeurt er iets bijzonders. De representant van de vader begint hevig te schudden met zijn armen en benen en dreigt bijna om te vallen. Vlug vang ik hem op en zet hem op een stoel. De representant van de grootvader zet ik achter hem en gelijk wordt het schudden wat minder. Ik voel veel energie tussen de vader en de grootvader. Als ik vraag of de grootvader iets tegen de vader wil zeggen, antwoord deze "Je kunt het best, je bent zelfstandig genoeg". De vader wordt nog rustiger en vind het fijn dit te horen. Ademloos kijken de cursisten toe, hoe de opstelling verder gaat. Als de vader, na het uitwerken van wat speelt tussen hem en zijn vader, weer gaat staan, zien we hoe de kracht bij alle generaties toeneemt. Dit is het moment om ook de huidige generatie aan de mannenlijn toe te voegen. Als afsluiting vraag ik hem op de grond te gaan zitten en te ervaren hoe het voelt om te leunen op de generaties achter je. Met gesloten ogen leunt hij achterover tegen de benen van zijn vader. "Ik kan zo wel uren blijven zitten, wat voelt dit fijn". Ik laat hem hier nog even van genieten en dan gaan we weer verder met de les.
De geboorte van een nieuwe techniek?
"Welke kleuren zal ik vandaag eens pakken?" denk ik, terwijl ik kijk naar de verschillende blokjes gekleurde bijenwas. Jolanda, die tegenover mij zit is al druk bezig met het strijken van haar eerste Encaustic kaart. "Zit ik weer in mijn hoofd", ik schakel mijn gedachten uit en pak de eerste kleur. Het strijkboutje glijdt als vanzelf over de kaart en laat een vrolijke schakering van kleuren en vormen zien. Tevreden zet ik het boutje uit en wrijf de kaart met een kapot geknipte panty zachtjes op totdat er een mooie diepgang in de kleuren zichtbaar wordt en de kaart glimt. Jolanda is ook klaar met heer 'probeer' kaart en intuïtief geef ik haar een A4 formaat en vraag haar gewoon vanuit haar hart een kaart te maken. Als ze klaar is bespreken we de kaart van haar en snel wordt duidelijk dat de eerste kaart bij de tweede kaart hoort. Het is een onderdeel hiervan. Als ik haar mijn kaart cadeau doe als herinnering aan deze dag, zegt ze heel blij. Deze kaart vertegenwoordigt hoe ik wil worden. Zo duidelijk aanwezig, dan mag ik er helemaal zijn!
Terwijl ik de tafel opruim en alles klaar zet voor een volgende keer, gaan mijn gedachten naar de beide prachtige technieken die ik tot mijn beschikking heb en even later heb ik de eerste regels op papier gezet van een nieuw te ontwikkelen techniek ...
Leven in de brouwerij
Elke nieuwsbrief die de afgelopen dagen in mijn mail terecht kwam, begint met het statement "de vakantie is weer voorbij". Alsof het jammer is. Zelf heb ik dit anders beleefd. Na een paar vrije dagen, die ik gedurende het hele jaar spontaan opneem, begint er weer een beetje 'leven in de brouwerij' te komen. De telefoon gaat regelmatig. De eerste afspraken staan in de agenda en de cursussen gaan weer van start. Laat maar komen die (werk)drukte. Van mij mag het.
Afgelopen zaterdag, tijdens de regionetwerkdag van de beroepsvereniging, gaf ik een lezing over 'De vijf talen van de liefde'. Een leuke speelse manier om te kijken naar de communicatie van de belangrijke mensen om je heen. En voor het werken in de praktijk. Er zijn vijf (liefdes)talen en aan de hand van de opdrachten komt er (h)erkenning. De lezing geef ik op mijn eigen manier. Natuurlijk heb ik een mooie presentatie gemaakt in PowerPoint. Toch vind ik het prettiger om gewoon in een kring te zitten en onderdeel uit te maken van het groepsproces. Geen hiërarchie, maar samen interactief met het onderwerp bezig zijn. Door te ervaren, voel je meteen of dit aangereikte handvat voor jou prettig is om mee te werken. Hierdoor krijg je contact met de interventies. Na de enthousiaste reacties is het tijd om te lunchen. En in de middag gaan we verder met de intervisie. Aan het eind van deze netwerkdag, breng ik nog een paar collega's naar de trein. En dan rijd ik moe maar voldaan óp naar de nieuwe, lekker drukke week.
Paardenvrees!
"En dit is de stal waar je ook een dag cursus gaat geven" zegt Iris tijdens de rondleiding bij Kortenbos. Nel loopt voorop en ik blijf nog wat achter om foto's te maken van de prachtige locatie waar we zijn. Als ik ook de stal inloop zie ik tot mijn grote schrik drie paarden staan. Als iemand die opgegroeid is in de stad, had ik me dat niet gerealiseerd.
Al heel jong vond ik paarden prachtige dieren om te zien, maar wel op minimaal 20 meter afstand. In mijn beleving waren ze zo groot. Als ik dit aan Iris vertel legt ze het als volgt uit. "Paarden hebben een IQ van een zesjarig kind. Hun EQ echter is vele malen hoger dan dat van de mens. De paarden voelen feilloos aan wat nodig is. Dat is ook de reden dat er vaak gebruik gemaakt wordt van paarden in therapie met o.a. kinderen".
Van een afstandje, minder dan 20 meter, met het hart dat klopt in mijn keel, kijk ik hoe Nel de paarden één voor één toespreekt en aait. Als ik hier cursus wil geven zal ik toch over mijn angst heen moeten komen, dus voorzichtig kom ik wat dichterbij. Eigenlijk zijn ze minder groot dan ik dacht.
Nel en Iris lopen weer naar buiten en dan doe ik voorzichtig een stapje dichterbij. Ik steek mijn hand uit en het paard draait zijn kop weg. Hij voelt mijn angst, denk ik en ik steek nogmaals mijn hand uit. Nu komt hij dichterbij en voorzichtig aai ik zijn neus. En dan gebeurt er iets vreemds. Ik voel me heel rustig worden en kijk verbaasd naar zijn prachtige hoofd en diep bruine ogen. Even later loop ik ook naar de andere twee paarden toe en aai ze. Nog steeds wat voorzichtig. Trots loop ik even later naar buiten. Iris lacht en zegt "Als je hier cursus geeft rijd je zo paard". Dat zal ik het paard niet aan doen, maar ze even in de wei zetten zou me zomaar kunnen lukken.
In november ga ik de cursus 'Het mooiste komt nog' geven bij Kortenbos, ben je nieuwsgierig geworden kijk dan op www.kortenbos.nl
Een dagje vrij
Het is alweer juli. We genieten van een prachtige zomer. En dan besluit ik, impulsief als ik ben, een vrije dag in te lassen. Samen met mijn vriendin Nel ga ik een dagje fietsen door de duinen op Texel. We kijken er allebei naar uit. Om acht uur zondagmorgen stappen we in de auto en gaan op weg. Als ik Nel vertel dat ik nieuwsgierig ben naar de route via Medemblik gaat mijn 'NelNel' meteen aan het werk. "Hier linksaf" zegt ze en wijst naar rechts. O ja, dat was ik vergeten, Nel heeft haar eigen links en rechts, en lachend sla ik rechtsaf. Zo rijden we via een prachtige route over provinciale wegen. Soms lijkt het alsof we alleen op de wereld zijn. Na drie kwartier komen we aan in Den Helder, waar de boot al ligt te wachten. Heerlijk die zeewind door je haren. Je hoofd helemaal leeg en genieten in het hier en nu.
Nadat de fietsen afgesteld zijn op onze hoogte, stappen we op en vertrekken eerst naar De Koog. Zo'n 19 kilometer verderop. Hier aangekomen lopen we lekker langs de winkels en besluiten na een uurtje op een terras wat te drinken. Wat een gezellige drukte en wat werken de mensen op dit eiland hard. We stappen weer op de fiets en gaan naar het strand. Bij het stallen van de fietsen in het losse zand merk ik dat mijn 'wonderbeen' zich hier niet prettig bij voelt en ik vraag me af of het verstandig is om straks de duinen in te gaan. Het is gezellig druk op het strand, we genieten van het kijken naar de spelende kinderen in het water.
Dan gaan we weer verder. Nel vraagt "door de duinen?" en ik zeg stoer "Ja hoor, het gaat best". Steeds als er een helling komt mindert Nel vaart en vraagt of ik het nog red. En na een paar keer zeg ik vrolijk "Weet je, als jij mijn been loslaat kan ik makkelijker fietsen". Ze schiet in de lach en stilletjes geniet ik van haar zorgzaamheid.
De ene keer rijden we op een glad (fiets)pad en even verderop liggen er opeens allemaal eikels, die voor wat hindernissen zorgen. En ook een aantal gaten en hobbels in het geasfalteerde pad komen we tegen. "Het is net het leven" denk ik terwijl we verder fietsen. De obstakels op het pad, zorgen voor extra belasting van mijn been. En bij de volgende helling besluit ik af te stappen en een stukje te lopen. Ik bel met de fietsbel zodat Nel, die voor me rijdt merkt dat ik afstap en samen lopen we verder. Na een tijdje stappen we weer op.
Het fietspad wordt steeds smaller en als ik een vader met zijn zoontje, die dapper zijn stuur probeert stil te houden, zie aankomen, ga ik op de weg rijden om hen de ruimte te geven. Het jongetje ziet wat ik doe en rijdt, vol bravoure met een ondeugende lach op zijn gezicht, ook de weg op. Ik kijk geschrokken naar de vader en zeg verontschuldigend, "ik geef niet echt het goede voorbeeld hè". Hij schudt lachend zijn hoofd en roept zijn zoontje weer bij zich. Nel en ik fietsen verder. Bij elke 'paddenstoel' stapt Nel af om te kijken welke richting we op moeten. Zelf merk ik dat dit op- en afstappen een extra belasting is. En dan ineens zie ik in de verte, terwijl Nel weer afstapt om de richting te zien, de boten liggen. "Kom maar Nel, gewoon rechtdoor" en ik zet 'met de 'stal' in zicht, de spurt er in. Nel roept me nog na, "Nee hoor, we moeten hier linksaf". Rustig fiets ik door, ze komt vanzelf wel. Als ze weer naast me fietst, zegt ze nog een keer dat we eigenlijk linksaf moesten. "Je weet toch dat ik eigenwijs ben en niet altijd de gebaande paden loop". En we fietsen op het door mij gekozen pad verder. Nadat we de fietsen hebben ingeleverd, zitten we nog nagenietend van deze heerlijke dag op een terras in de haven. Om vijf uur gaan we moe, na zo'n zestig kilometer fietsen, maar heel voldaan in de auto terug naar huis. En stilletjes beloof ik Texel dat ik snel weer terug kom.
Examenstress!
Als ik buiten loop zie ik de eerste vlaggen met een tas aan de vlaggenstok alweer verschijnen.
En dan is het voor mij ook zover! Het examen Psychopathologie komt binnen via de mail. Eerst snel een bevestiging van ontvangst sturen en dan het examen openen. Tien open vragen, waarbij sommige vragen nog subvragen hebben. Bij het lezen van de eerste vraag weet ik het antwoord niet. En dan gebeurt het. Mijn eerste gedachte is "O jee, ik weet het niet" en mijn lijf gaat meteen beginnen met het aanmaken van adrenaline en noradrenaline. Gauw ga ik door naar de volgende vraag. Ik hoor mijn vader nog zeggen: "Niet blijven steken bij iets dat je niet weet".
Vraag twee roept herkenning bij me op. En ik ga snel aan de slag. Het opbouwen van de spanning gaat intussen gestaag door. Bij vraag acht aangekomen kijk ik op de klok en zie dat ik nog maar heel weinig tijd heb. En ik tik als een razende verder. Precies op tijd stuur ik het examen weer terug. En pas dan voel ik hoe hoog de spanning is opgebouwd. Even later gaat de telefoon. Een medestudent. "Vond je het ook zo moeilijk, wat heb jij bij vraag één ingevuld?" vraagt ze. Al snel lopen we de vragen met elkaar door. Een andere medestudent mailt me om ook haar ervaringen te delen. Hierdoor neemt mijn stress wat af. Zie je wel, ik ben niet de enige die het moeilijk vond. Opgelucht stap ik in de auto en rij naar mijn zus. Hier kan ik mijn verhaal kwijt, mijn twijfel, mijn opluchting dat het achter de rug is. En nu maar wachten op de uitslag.
Een paar dagen later, tussen twee cliënten in, komt de mail toch nog onverwacht snel met de uitslag. Geslaagd!
Even blijf ik genieten van dit 'Yes gevoel'. En dan ga ik, met wat extra kennis en vaardigheden, op weg naar mijn volgende cliënt. Ik wens iedereen een stressvrije vakantie toe en ik kijk uit naar september wanneer de eerste trainingen weer van start gaan.
Weg met die rijangst!
Opgelucht, met sterretjes in haar ogen en met rode wangen van de opwinding stapt ze uit de (les)auto. "Yes", zegt ze met luide stem "eindelijk kan ik weer zelf autorijden, zonder de 'toeristische' route te moeten pakken als excuus om niet de snelweg op te hoeven". Over rijangst praat je niet zo makkelijk, veel cliënten schamen zich hiervoor. Als het al tegen vriendinnen wordt verteld, is de reactie zo vaak "daar heb jij toch geen last van, je bent zo zelfstandig". Na jaren niet meer op de snelweg te durven rijden is het haar eindelijk gelukt! Na een korte therapie en een aantal therapeutische autorijlessen kan ze ontspannen de weg weer op.
Ze is niet de enige die last had van rijangst. Een half miljoen Nederlanders kampt met hetzelfde probleem als zij, blijkt uit onderzoek van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Mensen met rijangst durven de auto niet meer in en zoeken alternatieven om van a naar b te reizen. Ze pakken de trein, bus of carpoolen en soms wordt de eigen auto zelfs verkocht. Na een (auto) ongeluk of na een traumatische ervaring komt soms jaren later ineens de rijangst om de hoek kijken. Niet altijd heeft dit te maken met het autorijden zelf. Vaak is hieraan vooraf al eens een andere angst ontstaan, bijvoorbeeld angst om in een lift te stappen. Dit is redelijk makkelijk op te lossen. Je neemt de trap of als dit niet mogelijk is ga je gewoon naar een andere winkel.
Als je echter geen auto meer durft te rijden, word je wereld ineens een stuk kleiner en wordt je afhankelijk van de hulp van anderen. En dat vindt niet iedereen even prettig.
Rijangst wordt al jaren aangepakt door gespecialiseerde instructeurs. Maar zulke cursussen beginnen meteen in de auto. Op de korte termijn lijkt dit prima te werken. Ik zeg echter: "ga eerst op zoek naar de oorzaak van de angst, voordat je iemand weer achter het stuur zet". De kans is dan veel groter dat deze therapie een lange termijn oplossing biedt.
Helpen, of niet?
"Hoef ik dan niet te helpen?" vraagt de cliënt verbaasd. Tijdens de familieopstelling met figuurtjes bleek hij de zorgen van de ouders op zijn schouders te hebben genomen. Ik leg hem uit, dat hij beter op zijn 'kindplek' kan staan. Dat hij hiermee ook zijn ouders weer sterker maakt. Opgelucht haalt de cliënt adem. Het voelt voor hem alsof er een last van zijn schouders is gevallen. Soms zijn we zo druk bezig met het steunen van de ander, dat we niet in de gaten hebben dat hij steeds minder gemotiveerd wordt om tot actie over te gaan. Gelukkig (h)erken ik deze valkuil bij mijzelf ook. En dan geef ik de verantwoording weer terug waar hij hoort. Zo zorg ik ervoor dat mijn energie op peil blijft en de ander in zijn kracht blijft staan. Even leunen op iemand kan geen kwaad. Soms heb je dat gewoon nodig. Daarna kun je dan weer op eigen kracht verder. Wat kan ik toch ontzettend genieten van het mooie vak dat ik mag uitoefenen. En natuurlijk ook van mijn eigen inzichtmomenten.
Een lint vol verhalen
Nog één keer en de laatste ochtend van Een lint vol verhalen is weer gestopt tot na de vakantie. Het thema is deze voorlaatste dinsdagochtend een gedicht dat je aanspreekt, inspireert of ontroerd. In de groep zitten senioren tussen de 60 en 85 jaar. En weer is het een bijzondere ochtend. Een poëziealbum met een gedichtje van een vader, een gedicht over de afgelopen Koninginnedag, een gedicht over een oma, zorgende handen, en over een moeder en dochter. Heel uiteenlopend, zo prachtig, ook de verhalen die hierachter schuil gaan. Dank je wel Nel voor het overtikken. En omdat het bijna Moederdag is wil ik dit gedicht graag met jullie delen:
Het 'taaie-ongerief' kind
Mijn moeder wil vermageren, ze zegt: "Dik stáát me niet!"
Ze eet geen sju en aardappels maar enkel sla en biet.
Mijn moeder weegt zich elke dag en is ze aangekomen
dan zegt ze een heel lelijk woord, dat eindigt op..eh.. dome.
We eten dan de hele week als vlees weer rauwe bief.
Ik vin, moeders zijn niet voor mooi,
een moeder is voor lief.
Ze draait maar voor de spiegel rond en durf ik het te wagen
om dan, als ze zo bezig is, heel even wat te vragen,
dan snauwt ze dat ik stil moet zijn en haar niet storen mag.
Dat duurt niet zomaar eventjes, dat duurt de hele dag.
Ze snibt, ze vit, ze scheldt en schreeuwt, ze stapelt grief op grief.
Ik vin, moeders zijn niet voor mooi,
een moeder is voor lief.
Vanmiddag kwam ik thuis uit school. Ze riep me: ,,Kom eens gauw!
Een énige verrassing, kijk!!" Ja, en wat was dat nou?
Ze had een jurk van mij gepast, dat streepding met die strik.
Ze zei: ,,Daar zwém ik gewoon in. Kijk nou, zo slank ben ik!"
Ik nam het boek dat ik juist las, 'Het taaie ongerief'
en dacht, moeders zijn niet voor mooi,
een moeder is voor lief.
Loop ik met moeder ergens heen, dan zegt ze: ,,Is 't niet fijn,
dat iedereen bij ons altijd, denkt dat we zusters zijn?!"
Ik zeg dan maar niet wat ik denk, dat geeft nog meer verdriet.
Maar als ik later kinderen heb dan wil ik het zo niet.
En elke avond vraag ik Ons-Lief-Heertje: ,,Asjeblief,
laat me geen mooie moeder zijn,
maak me alleen maar lief".
Tekst: Martie Verdenius
Verandering
Als ik op weg ben naar mijn vriendin merk ik dat de rem van mijn auto anders aanvoelt. Ik kan hem bijna niet meer intrappen en om te remmen moet ik veel kracht zetten. Mijn auto is nu echt aan vervanging toe. De onderhoudsbeurten worden steeds duurder. Samen met mijn vriendin ga ik naar een aantal autobedrijven om te kijken wat er te koop is. Ik zoek een auto met een goede hoge zit, genoeg kofferbakruimte, een compacte vierpersoons, goede stoelen en niet te groot. Dit jaar ga ik steeds verder weg om trainingen en lezingen te geven. Dus moet het vooral een auto zijn waarin ik me veilig voel.
Na wat onderzoek op het internet gaan we naar drie garages in de buurt. Tot mijn verbazing voel ik me thuis in de showroom. Wat ben ik veranderd. Vorig jaar nog vond ik dit echt een mannenwereld en voelde ik me niet op mijn gemak. Als één van de verkopers mij de volgende dag belt dat er een auto is binnengekomen die aan mijn eisen voldoet, vind ik mezelf even later druk onderhandelend in de showroom. En dan maar blijven zeggen dat ik niet zakelijk ben.
En de veranderingen gaan maar door. "Rijdt u hem zelf uit de showroom voor de proefrit?", vraagt de verkoper wat aarzelend. "Ja hoor" zeg ik stoer en net als ik eruit wil rijden komt er een grote caravan vlak voor de uitgang staan. Rustig blijf ik wachten totdat de caravan een stukje voorruit is gereden. Dan ga ik op weg. De auto ziet eruit als een zonnetje, hij rijdt als een zonnetje en ik straal als een zonnetje. Even later zijn we terug en sluit ik de deal. Onderweg naar huis denk ik aan een uitspraak van Olaf Hoenson: 'Soms moet je veranderen om jezelf te kunnen blijven'.
De grote dag
Eindelijk is het dan zo ver. De dag van de boekpresentatie. Mijn zoon komt mij ophalen en toch wel wat gespannen arriveren we bij de bibliotheek. Al snel komen de eerste gasten binnen. Sommige hebben wat moeite met het vinden van een parkeerplaats. De zaal stroomt vol. Waar mogelijk begroet ik iedereen persoonlijk. Een divers publiek is op mijn boek afgekomen. En dan ineens besef ik hoeveel warmte en vriendschap er om mij heen is. Wat ben ik rijk! De afgelopen dagen heb ik meerdere malen voor een wit vel papier gezeten om een speech voor te bereiden. Dit is me niet gelukt. En dan, na een prachtig gedicht van Roos, is het mijn beurt. Vanuit mijn hart borrelt een speech naar boven. En ik voel me als een vis in het water. Als ik mijn zus het eerste exemplaar uitreik en haar in een gedicht vertel wat zij voor mij betekent, gaat een golf van ontroering door de zaal. Nieuwsgierig geworden? Kijk dan op de website onder media en geniet van een kleine impressie van deze bijzondere middag. Via deze weg wil ik iedereen bedanken voor hun komst en de lieve kaarten en bloemen die mijn huis nog lang een vrolijk tintje zullen geven.
Nieuwe website
Beslissingen nemen, knopen doorhakken. Niet echt gemakkelijk om te doen. Als Weegschaal raak ik helemaal in de war als er meer dan twee mogelijkheden zijn. Al een half jaar loop ik te dubben of mijn website niet toe is aan vernieuwing. Het oude loslaten kost moeite. Het is zo vertrouwd. En hoe wordt de nieuwe website ontvangen? Allemaal vragen die ik mezelf stel. En op het laatste moment, als ik eindelijk denk nu moet ik de knoop doorhakken, komt er een mail binnen met complimenten over mijn website. Maar niet veranderen besluit ik dan. Een paar dagen later krijg ik weer het gevoel dat de website steeds rommeliger wordt. Dat komt ook omdat er zoveel in mijn leven gebeurt, het boek, mijn eigen innerlijke groei, het opnieuw zoeken naar wegen om ImproGrow levensvatbaar te houden. Allemaal zaken die mijn aandacht vragen. Als ik dan iets verander aan mijn website zie ik zelf dat het steeds rommeliger wordt.
Dan ontmoet ik tijdens mijn studie een collega die vertelt over haar webdesigner. Toeval? Hier geloof ik niet meer in. En dan hak ik de eerste knoop door. Na een prettig telefoongesprek, maak ik een afspraak. De volgende dag komt er al een mail met de eerste opzet van mijn website. En de dagen daarna volgen er nog een aantal. Daar is het weer! Keuzes maken, beslissingen nemen, knopen doorhakken. Even weet ik het niet meer en ik besluit naar mijn oudste zoon te gaan en wat hulp te vragen. Samen bekijken we een aantal mogelijkheden en er ontstaat een mailwisseling met de webdesigner.
Razendsnel volgen de aanpassingen elkaar op. En door het 'sparren' met mijn zoon heb ik een keuze kunnen maken. De week daarop ontmoet ik Marion, de webdesigner. Een warme, hartelijke en enthousiaste vrouw. Als we samen achter de computer plaatsnemen ontstaat al snel een mooie website. Tevreden rijd ik naar huis en besef dat ik ongemerkt een beslissing heb genomen.
De volgende dag stuur ik de link van de nieuwe website naar een aantal mensen die dicht bij mij staan. En ik vraag hun feedback. Als ik de feedback ontvang, wil ik als vanouds meteen gaan aanpassen. Impulsief als ik ben, schrijf ik een mail naar Marion met de veranderingen. Voordat ik deze mail echter verstuur denk ik ineens "IK vind het mooi". En de mail gooi ik weg. Zomaar, als cadeautje, vanuit het niets, vindt mijn innerlijke groei plaats. Aan het begin van dit jaar wenste ik iedereen een vernieuwend 2009. En vernieuwend is het voor mij nu al geworden.
Gewoon trots!
Als ik voor het eerst de illustratie van mijn boek zie gebeuren
er twee dingen. Er komt een grote lach op mijn gezicht en het
geluksgevoel trekt door mijn hele lijf. De illustratie is precies
geworden zoals ik me voorgesteld had. Meteen daarna merk ik dat
ik 'mijn hakken in het zand zet'. Onderaan de illustratie staat
duidelijk zichtbaar Cisca Holkamp. Meteen, impulsief als ik ben,
pak ik de telefoon. Nadat ik verteld heb hoe blij ik me voel als
ik naar de illustratie kijk, vraag ik om mijn naam te verwijderen.
Ik leg uit dat deze al op de achterkant staat. Er wordt wat
verbaasd gereageerd. Doordat ik echter zo in de weerstand zit,
dringt dit niet helemaal tot me door. Dezelfde avond vertel ik
een vriendin wat er gebeurde. Zij raadt mij heel subtiel aan eens
in mijn boekenkast te kijken. En dan zie ik dat op alle boeken de
naam van de schrijver op de voor en achterkant staat.
Wat is het dan, dat mij zo triggert?
Vaak zeg ik "Laat mij maar achter de bar staan op een
feestje, dan voel ik me veel prettiger". En ook tijdens een
verjaardag wordt wel eens verbaasd gereageerd dat ik zo stil ben.
En dat terwijl ik toch regelmatig het voortouw neem als
voorzitster van een vereniging, begeleidster van een
verhalenproject en de Familieopstellingen, Schijnbaar heel
gemakkelijk voor een klas sta als docente en ook het geven van
lezingen ga ik niet uit de weg. Allemaal zaken waarbij ik op de
voorgrond treed. Dan begrijp ik ineens wat er aan de hand is. Op
de illustratie staat Cisca Holkamp! Dat ben IK! Ineens sta ik op
de voorgrond zonder de 'bescherming' van een beroep of functie.
Dat is wennen. Hier heb ik even tijd voor nodig.
Een paar weken later komt de nieuwsbrief van de uitgever via de
mail binnen. En als ik die open zie ik met grote letters staan 'Het
eerste boek van Cisca Holkamp komt uit'.
Een brede lach komt op mijn gezicht en ik voel me heel trots!
Nieuwsgierig naar mijn boek, klik op de illustratie op de
homepagina.
Een bord met schillen
Misschien denkt u wel wat is er zo bijzonder aan een bord met
schillen.
Terwijl ik in mijn tuin zit te genieten van de laatste
zonnestraaltjes, doen deze schillen mij aan iets heel anders
denken dan aan een geschilde appel of gepelde sinaasappel. Ze
doen mij denken aan mijn eigen (innerlijke) groei. Door anderen
wordt ik vaak gezien als een sterke, daadkrachtige en
sociaalvaardige vrouw. Dit is de buitenkant, de schil dus, die
laat ik aan iedereen zien. Toch heb ik het in de afgelopen jaren
aangedurfd heel voorzichtig, schilletje voor schilletje, mijzelf
af te pellen. Geen gemakkelijke weg om te gaan.
Eén schilletje, om aan mijn kinderen te laten zien dat ik ook
verdriet kan hebben, niet altijd precies weet wat ik moet doen en
zelfs mijn fouten laat ik nu aan ze zien. Een ander schilletje
stond voor het tonen van mijn eigen smaak, er gewoon vooruit
komen wat ik mooi en lelijk vind. Het lijkt zo gemakkelijk, je
niets aantrekken van wat een ander vind. Dan volgt er nog een
schilletje dat ik de naam "Grenzen" zal geven. Als
iemand te laat komt, of een afspraak verschuift, ben ik de eerste
die begrip toont. Toch vind ik het niet prettig. Juist omdat ik
zoveel begrip voor de situatie heb, zijn er steeds meer mensen
die hier misbruik van maken. Door heel langzaam dit schilletje te
verwijderen zie ik steeds vaker kans mijn grens aan te geven en
zelfs te behouden. Dit is een proces dat volgens mij een
levenlang zal duren.
Een schilletje dat in het verlengde van het voorgaande ligt, heet
"aardig gevonden worden". Heel veel energie heeft dit
schilletje mij gekost. Altijd maar meegaan met anderen, niet
dwars willen liggen, me gedragen zoals ik denk dat een ander van
mij verwacht. En weet u wat zo leuk is, toen dat schilletje
eenmaal gevallen was bleek, dat hoe minder ik mijn best hiervoor
deed, hoe meer mensen mij aardig vonden.
Terwijl ik aan het schrijven ben, besef ik dat er weer een
schilletje gevallen is.
Dit zal niet de laatste zijn. Dit is voor mij een proces dat
voortduurt. Hoe is dat voor U?
Ook een counselor is mens!
Vandaag is het zo'n dag waarop ik ongemerkt mijn stressniveau aan
het opbouwen ben. Als ik de vaatwasser aan wil zetten zie ik dat
er schone en vuile borden door elkaar staan. Even schiet ik nog
in de lach, maar dan denk ik meteen stommerd! Een telefoontje
wordt plotseling afgebroken omdat mijn batterij leeg is. Als ik
de deur open wil doen stoot ik met mijn nagel tegen de deur
waardoor hij breekt. (De nagel, niet de deur) Mijn VAR verklaring
ligt in de gang en als ik de brief openmaak blijkt het niet de
verklaring te zijn die ik nodig heb. En tot overmaat van ramp
zijn de schilders, die al de hele week druk bezig zijn met het
schilderen van mijn huis, vergeten de schroeven weer in de
raamkozijnen te draaien waardoor mijn ramen niet meer helemaal
dicht gaan. Deze laatste ontdekking ontneemt me ook nog eens mijn
veiligheidsgevoel.
Me er nog niet van bewust waar ik mee bezig ben, stap ik in de
auto en rijd naar mijn zus. Eenmaal binnen steek ik meteen van
wal. En terwijl ik mijn verhaal vertel, doet zij vergeefse moeite
om mij ook de andere kanten van het verhaal te laten zien. "Ja
hoor", zeg ik gefrustreerd, mijn begrip voor anderen is op
dit moment even op. Nu wil ik wel eens begrip". Ze laat me
stoom afblazen en zegt dan lachend: "Ach ja, het is maar net
hoeveel last je ervan wilt hebben".
Op dat moment dringt het niet tot mij door. Maar als ik 's avond
op de bank zit voel ik eindelijk hoe de stress door mijn lijf
giert. Dan schiet ik in de lach en hoor mijn zus weer zeggen:
"Ach ja, het is maar net hoeveel last je ervan wilt hebben".
Nu valt het kwartje wel. Na een paar keer diep ademhalen en de
frustratie van me af zetten daalt het stressniveau gestaag. De
volgende dag schroeven de schilders heel bereidwillig alle
schroeven weer vast.
De zin die mijn leven veranderde.
Voor mij is dat het moment waarop die psychiater, vooraf aan de
opname van mijn man, tegen mij zei:"Mevrouw u heeft
duidelijk uw grens getrokken. Laat deze nooit meer los!"
Op dat moment dringt het niet goed tot mij door, maar eenmaal
thuis ben ik mijn leven eens onder de loep gaan nemen. Altijd
vrouw, moeder, kostwinner, verzorger van mijn man, die aan
hypochondrie lijdt. Waar ben ik zelf gebleven? Al snel begreep ik,
dat ik niet meer terug wilde naar de oude situatie. Mijn doel
werd:
Nooit meer mijn eigen grenzen loslaten en vooral mezelf blijven!
Dit is geen makkelijke weg geweest. Met vallen en opstaan, maar
vooral met optimisme en humor heb ik deze reis volbracht. Die ene
zin heeft er ook voor gezorgd dat ik het (werk)roer heb omgegooid.
Van afhankelijkheid naar zelfstandigheid is een grote stap. Mijn
oprechte belangstelling voor mensen heeft er mede toe bijgedragen
dat ik een opleiding ben gaan volgen als Counselor. Hierdoor kan
ik iemand die door omstandigheden, even niet meer lekker in zijn
vel zit terzijde staan in mijn eigen praktijk. Als ik nu naar
mezelf kijk zie ik een vrouw die haar grens heeft weten te
behouden. Die goed in haar vel steekt, vrolijk, warm, hartelijk,
sterk maar ook kwetsbaar is. Zelfstandig, omdat ze weet wie ze is
en weet dat ze het nog steeds waard is om aan te werken. Als
Counselor in haar eigen praktijk ImproGrow. Waar ze nog dagelijks
leert van de mensen die op haar pad komen.
Geen pokon!
Als ik de telefoon opneem komt er een ware stortvloed van woorden
over mij heen. Een van mijn cliënten belt. Als de eerste druk
van de ketel is probeer ik de situatie duidelijk te krijgen door
het stellen van verdiepende vragen. Het is iemand die heel
zorgzaam is voor anderen. Sterk genoeg om alle problemen in haar
eigen leven heel dapper op te lossen. Soms met en soms zonder
professionele hulp. Ze heeft net een punt gezet achter haar
relatie. En voelt nog veel verdriet. Het eerste wat mij opvalt
tijdens het gesprek is, dat ze steeds opnieuw praat over haar ex-vriend.
Ik probeer verschillende malen het gesprek naar haarzelf om te
buigen. Na twee woorden over haar eigen situatie gaat ze prompt
weer naar die van de ander. Het tweede dat mij opvalt is dat ze
heel beeldend vertelt. Al snel is mij duidelijk dat zij zijn
gedrag jaren heeft gevoed. Als ik haar dit voorhoud merk ik dat
het niet echt 'binnenkomt'.
Daarom vertel ik haar mijn eigen ervaring. Als je iemand die nog
niet aan verandering toe is probeert te helpen heb je soms het
gevoel dat je helemaal wordt uitgehold en loop je het risico niet
alleen je energie maar ook jezelf te verliezen in de ander. Door
dit (slachtoffer) gedrag te negeren, niet te voeden, laat je de
verantwoording bij de ander. Hierdoor kun je alle energie weer in
je eigen groei en verandering steken. Je laat de ander niet in de
steek, je legt de verantwoording daar neer waar hij hoort.
Na een bevestigend antwoord op mijn vraag of ze vrienden heeft
die haar opvangen tijdens deze nare periode, geef ik haar het
volgende handvat.
Spreek met je vrienden af dat als je weer aan het 'malen' bent,
dat ze dan tegen je zeggen "Geen pokon". En ik leg haar
uit hoe planten groeien van Pokon, en dat ook de ander groeit
door het voeden van zijn gedrag. Hierdoor vraagt hij steeds meer
aandacht
en heb je niet genoeg energie over voor jezelf. Nu schiet ze in
de lach, "Ik zie hoe ik hem Pokon geef en hoe hij groter en
ik kleiner wordt". Ze bedankt me voor het gesprek en vertelt
dat ze haar vrienden gaat vragen haar te helpen met Geen Pokon!
Loslaten
Om los te kunnen laten is liefde nodig
Loslaten betekent niet dat het me niet meer uitmaakt;
Het betekent dat ik het niet voor iemand anders kan doen.
Loslaten betekent niet dat ik 'm smeer;
Het is het besef dat ik een ander niet kan beheersen.
Loslaten is niet het onmogelijk maken;
Maar het toestaan om te leren van menselijke consequenties.
Loslaten is machteloosheid toegeven,
Hetgeen betekent dat ik het resultaat niet in de hand heb.
Loslaten is niet proberen om een ander te veranderen of de schuld
te geven;
Het is jezelf zo goed mogelijk maken.
Loslaten is niet zorgen voor, maar geven om.
Loslaten is niet even regelen, maar ondersteunend zijn.
Loslaten is niet oordelen, maar de ander toestaan mens te zijn.
Loslaten is niet in het middelpunt staan en alles beheersen;
Maar het anderen mogelijk maken hun eigen lot te bepalen
Loslaten is niet anderen tegen jezelf beschermen;
Het is een ander toestaan de werkelijkheid onder ogen te zien.
Loslaten is niet ontkennen, maar accepteren.
Loslaten is niet treiteren, schelden of ruziemaken;
Maar het zoeken naar mijn eigen tekortkomingen en die verbeteren.
Loslaten is niet alles naar mijn hand zetten;
Maar elke dag nemen zoals die komt en er mijzelf gelukkig mee
prijzen.
Loslaten is niet anderen kritiseren of reguleren;
Maar proberen te worden wat ik droom te kunnen zijn.
Loslaten is niet spijt hebben van het verleden;
Maar groeien en leven voor de toekomst.
Loslaten is minder vrezen en meer beminnen.
Druk, druk, druk
Terwijl ik rustig zit te werken aan de column voor de volgende
nieuwsbrief realiseer ik me ineens dat het al enige tijd geleden
is dat ik mijn familie, vrienden en kennissen heb gesproken. Zijn
ze me vergeten, of zijn ze misschien allemaal tegelijk met
vakantie gegaan? Dat kan ik me nauwelijks voorstellen. Als ik
terugdenk aan de laatste keren dat ik ze gesproken heb, besef ik
ineens wat er aan de hand is. Als iemand aan je vraagt hoe het
gaat, zeggen we bijna allemaal automatisch, goed. En als ik denk
aan de afgelopen maanden, heb ik net zo automatisch gezegd hoe
druk ik het heb. En daar is de valkuil!
Door steeds te herhalen hoe druk we het hebben, zouden we wel
eens meer begrip kunnen krijgen dan we werkelijk willen. Langzaam
beginnen de mensen om ons heen zich dan terug te trekken. We
hebben dit niet zo snel in de gaten want, weet je het nog, we
hebben het druk, druk, druk. Op het werk, thuis en in onze vrije
tijd rennen en vliegen we van het een naar het ander. Zelfs voor,
tijdens en na de vakantie hebben we het druk met van alles en nog
wat. Maar pas op! Ren jezelf en de anderen niet ongewild voorbij.
Want voordat je het weet wacht iedereen op het moment waarop je
zelf aangeeft dat je weer tijd voor ze hebt. Sta hier zo nu en
dan eens even bij stil. En ik? Ik Ben snel op de fiets gestapt en
vertel in het vervolg niet alleen dat ik het druk, maar ook
wanneer ik wel tijd heb.
Leven als mens
Toen ik jonger was, wilde ik van alles. Een nieuwe brommer, een
stereotoren, een televisie, de mooiste kleren, een bos met
krullen, klein zijn en ga zo maar door.
Op de televisie zien we hoe vrouwen mooier gemaakt worden omdat
ze onzeker zijn en zich minder voelen. Make-up, een ander
kleurtje haar, een paar operaties die de minpuntjes corrigeren.
Het werkelijke probleem wordt genegeerd. Waarom iemand onzeker
wordt, daaraan wordt voorbijgegaan. Verander wat niet goed wordt
gevonden en de oorzaak is niet meer merkbaar. We blijven de
oorzaak verbloemen.
Ik denk wel eens "Mannen zijn misschien wel veel eenvoudiger
te begrijpen". Mannen compenseren hun tekortkomingen met
prestaties of een succes. En natuurlijk ook met materiële zaken
zoals een Porsche of een mooie grote boot. Hierdoor lijkt hun
aanzien te stijgen. Mannen zijn eenvoudiger in hun denkwijze.
Stellen willen samen de perfecte kinderen. Ze moeten goed kunnen
leren, uitblinken in sport of muziek. Stellen willen een perfect
romantisch avondje uit. Het feit dat ze al jaren niet meer praten
gaat dan pas echt opvallen. Wat zeg je tegen iemand, die je al
lang niet meer kent, bij kaarslicht.
Is dit nu echt wat we willen?
Stel ik ga nu dood, hoe zou ik willen dat er aan me gedacht werd?
Cisca was een geweldige werknemer, haar moeder was trots op haar
omdat zij op haar 53ste nog een eigen praktijk is gestart, of
omdat haar kinderen goed zijn terechtgekomen en uitblinken in hun
werk, aan het feit dat zij een rustige buurvrouw was?
Natuurlijk niet, ik zou willen dat ze aan me dachten als iemand
die oprecht zichzelf was, spontaan, impulsief, vrolijk,
optimistisch, anderen zonder (voor)oordeel accepterend en dat ik
mijn leven heb geleefd zoals ik het echt wilde.
Als ik dood ben kan ik het niet meer horen, maar als ik het kon
zou ik willen dat ze over mij vertelden zoals ik als mens was en
niet wat ik heb bereikt.
Als voor u hetzelfde geldt, wordt het dan geen tijd dat u als
mens gaat leven?
De vicieuze cirkel van het beeld
Als ik blijf kijken
zoals ik altijd heb gekeken
Blijf ik denken
zoals ik altijd dacht
Als ik blijf denken
zoals ik altijd heb gedacht
Blijf ik geloven
zoals ik altijd heb geloofd
Als ik blijf geloven
zoals ik altijd heb geloofd
Blijf ik doen
zoals ik altijd heb gedaan
Als ik blijf doen
zoals ik altijd heb gedaan
Blijft mij overkomen
wat mij altijd overkomt!
Een onverwacht moment van rust
Van de week op een avond om kwart voor twee rol ik moe maar
voldaan mijn bed in. Het is weer een nuttige dag geweest. Als ik
het gordijn wil sluiten zie ik een strakke lucht met heel veel
heldere sterren. Met dit laatste beeld in gedachten val ik vlot
in slaap.
Vanmorgen weer vroeg op, na het ochtendritueel 'even gauw'
de hond uitlaten. Soms heb ik wel eens het idee dat ik mijn hond
achter mij aan sleep. Telkens weer vergeet ik dat zij maar klein
is en moet rennen om mij bij te houden. Eenmaal aan het begin van
het voetpad in het park verzet ze geen poot meer voordat ik haar
riem heb afgedaan. In hetzelfde tempo wil ik verder lopen. Dan
denk ik ineens, dit is een prima moment om even de rust in
mijzelf te vinden. Gismo vindt haar weg wel.
Nu ik bewuster luister, hoor ik de natuur langzaam wakker worden.
Een 'vroege vogel' begint vol enthousiasme te tjilpen.
De ganzen in de vijver geven elkaar schel een
waarschuwingssignaal. 'Er loopt iemand in het park, wees
alert'.
Als ik naar boven kijk zie ik een strak blauwe lucht met hier en
daar wat kleine sluierwolken die door de opkomende zon een mooie
kleurschakering hebben in grijs, wit en rood. De eenden hebben me
nu ook ontdekt en kwaken met korte diepe keelgeluidjes. Een
verdwaalde meerkoet zwemt hier onverstoorbaar tussendoor. In de
lucht zie ik een strakke witte streep van een vliegtuig
verschijnen.
Het lijkt zo rustig. Toch komt ook het dagelijkse leven langzaam
op gang. Er komt iemand aan met een grotere hond, Gismo blijft op
afstand staan, afwachtend wat er gaat gebeuren. De hond loopt
rustig verder en doet of er niemand is. Zijn vrouwtje lacht naar
mij en zegt; 'het is zeker nog te vroeg'. Nog even
nagenietend van deze 'meditatie', loop ik terug naar
huis. Nu kan ik, met een rustig gevoel van binnen, deze dag weer
aan.
Dit verhaal komt uit het boekje Licht op de schaduw van Debbie
Ford.
Het Kasteel
Stel je voor dat je een heel groot kasteel bent met lange gangen
en duizenden kamers. Iedere kamer in het kasteel is perfect en
bezit een speciaal geschenk. ledere kamer vertegenwoordigt een
bepaald aspect van jezelf en vormt een geïntegreerd deel van het
complete, perfecte kasteel.
Als kind onderzocht je iedere centimeter van je kasteel zonder
schaamte of oordeel. Zonder angst doorzocht je iedere kamer om er
juwelen te ontdekken en het mysterie ervan te doorgronden. Met
liefde betrad je iedere kamer, of het nu een toilet, een
slaapkamer, een badkamer of een kelder was. ledere kamer was
uniek. Je kasteel was vol van licht, liefde en verwondering.
Op een dag kwam er echter iemand naar jouw kasteel en vertelde je
dat een van je kamers niet goed was, dat die toch zeker niet in
jouw kasteel thuishoorde. Diegene stelde voor dat als je een
perfect kasteel wilde hebben, je deze kamer beter kon afsluiten.
Omdat je liefde zocht en geaccepteerd wilde worden, sloot je snel
de kamer af.
De tijd verstreek, en er kwamen steeds meer mensen naar je
kasteel. Zij gaven allemaal hun mening over de diverse kamers,
welke zij wel leuk vonden en welke niet. En langzaam maar zeker
sloot je de ene na de andere deur af. Je prachtige kamers werden
afgesloten, het licht viel er niet langer naar binnen en zij
verdwenen in het donker. Een cirkelgang werd in werking gezet.
Vanaf die tijd sloot je steeds meer deuren, om verscheidene
redenen. Je sloot deuren omdat je bang was, of omdat je dacht dat
de kamers te overdadig waren. Je sloot de deur naar de kamers die
te conservatief waren. En je sloot deuren omdat een van jouw
kamers in andere kastelen niet voorkwamen. Je religieuze leiders
vertelden je dat je niet langer in bepaalde kamers mocht
verblijven, dus deed je weer een deur dicht. Iedere deur die
toegang gaf tot iets dat niet aan de maatstaven van de
maatschappij of aan je eigen ideaal voldeed, ging dicht.
De dagen waarin je kasteel eindeloos scheen en je toekomst
opwindend en helder, waren voorbij. Je hield niet langer van
iedere kamer met dezelfde liefde en bewondering.
Kamers waar je eens trots op was, wilde je nu liever laten
verdwijnen. Je probeerde manieren te verzinnen om deze kamers
kwijt te raken, maar ze maakten deel uit van je kasteel.
Nu je de deur gesloten had naar verscheidene kamers die je niet
leuk vond, verstreek de tijd, en op een dag vergat je gewoon dat
die kamers er waren. In het begin realiseerde je je niet wat je
aan het doen was. Het werd langzamerhand een gewoonte. Omdat
iedereen je verschillende boodschappen gaf over hoe een prachtig
kasteel eruit zou moeten zien, werd het gemakkelijker naar hen te
luisteren dan te vertrouwen op je eigen innerlijke stem: de stem
die het complete kasteel liefhad.
Door die kamers af te sluiten, begon je je veilig te voelen. Al
snel bemerkte je dat je nog slechts een paar kleine kamertjes
bewoonde. Je had geleerd hoe je het leven kon wegsluiten, en je
voelde je daarbij op je gemak. Velen van ons hadden zoveel kamers
afgesloten dat ze zelfs vergaten dat ze ooit een kasteel waren
geweest. Ze namen gewoon aan dat ze slechts een klein huisje
waren met twee slaapkamers en achterstallig onderhoud.
Stel je nu eens voor dat je kasteel de plek is waar je alles van
jezelf laat wonen, zowel het goede als het slechte, en dat ieder
aspect dat op deze planeet bestaat in jou woont. Eén van je
kamers is liefde, één is moed, één is elegantie en een andere
is genade. Er zijn eindeloos veel kamers. Creativiteit,
vrouwelijkheid, mannelijkheid, eerlijkheid, integriteit,
gezondheid, assertiviteit, sensualiteit, kracht, verlegenheid,
haat, hebzucht, frigiditeit, luiheid, arrogantie, ziekte en kwaad
zijn kamers in jouw kasteel. Iedere kamer is een essentieel
onderdeel van het geheel en iedere kamer heeft een tegenpool
ergens in jouw kasteel. Gelukkig zijn we alleen tevreden wanneer
we dat verwezenlijken waartoe wij in staat zijn. Het feit dat we
niet tevreden zijn met onszelf zet ons ertoe aan de verloren
kamers van ons kasteel te zoeken.
Wij kunnen onze uniciteit alleen vinden wanneer wij alle deuren
van de kamers in ons kasteel openen.

